Knaller! Gedurfd anti-islam boek in Nederland

Gebruikersavatar
hans van de mortel
Berichten: 5594
Lid geworden op: Zo Jun 03, 2007 12:41 pm

Knaller! Gedurfd anti-islam boek in Nederland

Berichtdoor hans van de mortel » Do Mar 10, 2011 8:34 pm

BEZORGDE VADERS

BRIEVEN AAN ONZE KINDEREN
GESCHREVEN IN DE SCHADUWEN VAN MORGEN

Opgedragen aan alle vaders en moeders van Nederland en Vlaanderen

Afbeelding

BEZORGDE VADERS

Erik Mokum
Groeten van Schiermonnikoog
Jaap Montfrooij
Het pak van mevrouw Hollandt
André van Delft
De parabel waarin wij leven
Herman Benschop
Echte tokkies drinken geen thee
Zande
De grens van het dorp
Frans Groenendijk
Van dode leeuwen en levende jakhalzen

Voorwoord

ICT manager bij een financiële instelling, kleine ondernemer in de
bouw, adviseur op het gebied van gezondheidszorg, gepensioneerd,
softwareontwikkelaar of kleine ondernemer in de uitgeverij.
Uit een gegoed en/of academisch milieu of met een uitgesproken arbeidersachtergrond.
Opgegroeid in de Haagse Schilderswijk, Schiedam-West, het Utrechtse Lombok of in
een 'betere' wijk of stad. Hoogopgeleid of autodidact.
Filosoof, wiskundige, historicus, sociaal wetenschapper met exacte
achtergrond, met een beroepsopleiding of geheel zonder opleiding.
Alle zes katholiek gedoopt en opgegroeid; vijf van hen werden atheïst;
de zesde schrijft onder andere over Gods liefde en Maria.
Ze zien zichzelf als progressief of als conservatief.
Hun bijdragen zijn politiek-historisch, filosofisch, introspectief, direct
waarden-uitdrukkend of anekdotisch, heel persoonlijk of wat afstandelijker.
Ja, de auteurs van deze bundel en de stukken die ze schreven, vertonen
nogal wat verschillen, ook in stijl. De zes mannen hebben echter twee
dingen gemeen: ze zijn vader en ze vrezen dat de westerse samenleving
voor hun kinderen minder vrij zal zijn.
In rechtstreeks aan hen gerichte brieven, leggen ze hun kinderen en
kleinkinderen uit waarom ze zich zorgen maken.
Via dit boek roepen ze andere vaders en moeders op zelf hun verantwoordelijkheid
te nemen voor het verdedigen van de vele verworvenheden van de westerse
beschaving en de verkwanselaars van onze cultuur ter verantwoording te roepen.
Het idee voor brieven aan onze kinderen komt van Herman Benschop:
hij vertelde me van zijn plan om op zijn weblog eens een wat uitgebreidere
'post' speciaal aan zijn eigen kinderen te richten. Toen ik enkele dagen later een
achttal vaders polste of ze er iets in zagen om een bijdrage te leveren voor een
bundel met brieven, reageerden allen binnen drie dagen zeer positief. Zes zagen
ook kans er voldoende tijd voor vrij te maken. De totstandkoming van dit boek
hing in de lucht, ik kan het moeilijk anders interpreteren.

In de titel mag u een ironische verwijzing zien naar Bezorgde ouders van
Gerard Reve, maar hij is op de eerste plaats gewoon letterlijk op te vatten.
De verwijzing in de ondertitel, naar het gelijknamige boek van onze
grote historicus Johan Huizinga, is heel bewust. Daarom wordt in de
bladzijden hierna daar nog apart op ingegaan door de filosoof van ons zestal.
Via de verwijzing naar Huizinga spreken wij niet de verwachting uit
dat catastrofale ontwikkelingen, vergelijkbaar met hetgeen zich in 1935
aankondigde, niet meer te vermijden zijn. Wij zijn ook geen Huizinga's.
Wij zijn slechts een zestal vaders. Maar andersom zijn wij juist als
vaders gedreven om de ontwikkelingen niet alleen te willen analyseren
maar deze ook bij te sturen.

De verschillende bijdragen staan geheel los van elkaar; we hebben uit
belangstelling wel elkaars stukken gelezen. We denken niet over alle
onderwerpen die aan de orde komen hetzelfde, maar inhoudelijke
afstemming was toch niet noodzakelijk. Er bleek zonder dat we
daarover gecommuniceerd hadden ook weinig overlap in de brieven te
zitten. Ze kunnen dus vanzelfsprekend ook in elke gewenste volgorde
gelezen worden. Ze zijn gesorteerd op aflopende leeftijd van onze
kinderen. Met uitzondering van mijn eigen bijdrage: die staat, zoals de
etiquette gebiedt, achteraan.

Frans Groenendijk, maart 2011

Over de ondertitel

Lang geleden, misschien wel vijftig of zestig jaar, werden wel eens door
redenaars, politici, dominees en andere zielenherders, zoals humanisten,
de eerste twee zinnen van Huizinga's In de schaduwen van morgen
aangehaald: “Wij leven in een bezeten wereld. En wij weten het”.
Dat was dan bedoeld voor de mensen, die dat nog niet wisten en
die voor hun zielenheil wakker geschud moesten worden. Tegenwoordig
hoef je dat niemand meer te vertellen, want de media maken
ons dat oorverdovend duidelijk.
Vroeger waren er ‘deskundigen’ die met bezweringen de kwade
geesten uit bezetenen dreven, dan wel de bezetene in de boeien sloegen,
of in een dwangbuis stopten. Nu hebben we daarvoor medicijnen
en subtiele behandelingen waardoor de gestoorde geest losgewoeld en
uitgebannen, ofwel in orde wordt gebracht. Als 't lukt.

Een bezeten wéreld is echter moeilijker te behandelen, niet in de
boeien te slaan, noch direct met een medicijn te genezen. Maar aan elke
behandeling gaat, als deze professioneel is, een diagnose vooraf. Met
zijn boek uit 1935 had Huizinga zich aan de diagnose van de actuele
Europese cultuur gewaagd. De ondertitel van zijn In de schaduwen van
morgen luidt dan ook: Een diagnose van het geestelijk lijden van onzen tijd.
Als historicus had hij hele tijdperken in ogenschouw genomen en
naar hun algemene trekken en zin weergegeven. Van de eigen tijd
wordt altijd beweerd, dat dat moeilijker is, dat er altijd een zekere
distantie in de tijd voor nodig is om de algemene trekken daarvan weer
te geven en de zin daaruit te destilleren. Op dat vraagstuk gaan we hier
niet in. We kunnen echter wel stellen, dat als een cultuur of een
samenleving in een crisis verkeert, dat wil zeggen als het vertrouwde
leven ten diepste geschokt is, dat dan ook het afstand nemen tot het
vertrouwde mogelijk is geworden en de waanzin, die door dat vertrouwde
leven is voortgebracht, onder ogen kan worden gezien.
Direct in de derde zin van zijn boek verwijst Huizinga al naar de
waanzin van de Eerste Wereldoorlog. Die was niet van een andere
planeet op Europa neergedaald, maar was de explosieve uiting van de
morele ziekte die al een lange incubatietijd achter zich had liggen.
Dan gaat Huizinga ertoe over de aard van dat ‘geestelijk lijden’
nader te onderzoeken en te bepalen. Het is ondoenlijk om die gehele
analyse hier weer te geven, dat zou een aparte studie vergen. We geven
daarvan slechts de algemene lijn weer, met een enkel detail.
Zijn kritiek op de ‘levensfilosofie’ is een van de belangrijkste thema's
die door het hele werk speelt. De levensfilosofie, waarvan Nietzsche de meest
prominente vertegenwoordiger was. Dit wijst er dan ook op, dat we nog steeds in
diezelfde crisis verkeren, daar Nietzsche, dat wil zeggen diens verwerpen
van ‘de waarheid’ -zie bijvoorbeeld de uitspraak daaromtrent van
het Openbaar Ministerie in de zaak Wilders- niets aan zijn propagandistische
kracht heeft ingeboet.

Uiteraard zag Huizinga in het fascisme en nazisme van de jaren
'30 de geperverteerde belichaming daarvan; de politieke, ideologische
bewegingen die op agressieve wijze de ‘levende daad voorrang gaven
boven die van het geestelijk inzicht.
Een en ander houdt in “de algemeene verzwakking van het oordeel”,
wat, zoals hij dat op een bepaalde plaats als volgt karakteriseert,
tenslotte uitloopt op:

De denkbeelden van den dag eischen werking à la minute.
Terwijl de groote ideeën in deze wereld altijd zeer langzaam zijn doorgedrongen.
Als asphalt- en benzinegeur boven de steden, hangt over de wereld een wolk
van woordenkraam.


Waar we nu het verstikkende fijnstof nog aan toe zouden voegen. De
geestelijke crisis duurt nog voort. Als een crisis niet onafwendbaar
fataal is, dan is er hoop op herstel. In zijn voorrede schrijft Huizinga -
die het boek aan zijn kinderen heeft opgedragen (!):

Het is mogelijk, dat velen mij op grond van deze bladzijden een pessimist zullen noemen.
Ik heb slechts dit te antwoorden: ik ben een optimist.


Na deze woorden moest de Tweede Wereldoorlog nog komen, maar in
1945 –zijn sterfjaar– verschijnt nog van zijn hand Geschonden wereld, een
beschouwing over de kansen op herstel van onze beschaving.
De ‘groote ideeën’ hebben een lange tijd nodig om door te
dringen, maar zo duurt de crisis van de Europese cultuur eveneens al
lange tijd en kan ze zelfs nog in hevigheid toenemen. Omdat er een
nieuw element in Europa is doorgedrongen dat de crisis zelfs nog
verhevigt en waar tegenover Europa, zolang ze zich nog niet van de
diepste oorzaken van die crisis bewust is, geen weerwerk kan leveren.
Dat nieuwe element is het mohammedanisme. Daardoor is het nu een
strijd op twee fronten geworden: het overwinnen van de crisis en het
stoppen en zelfs terugdringen van de islamisering. Het een staat nu niet
meer los van het andere.

Het mohammedanisme is in de visie van de schrijvers van deze
brieven aan hun kinderen op zichzelf een zieke ideologie. Door de crisis
waarin de Europese cultuur verkeert, scheen zij –tot voor kort?– geen
weerstand tegen deze ideologie te hebben. Integendeel, velen menen
zelfs, dat deze ideologie het genezende medicijn zou kunnen zijn. Deze
brieven zijn bedoeld om vooral aan de waanzin van deze opvatting het
hoofd te kunnen bieden.

De schaduwen van morgen zijn in deze winter van de Europese
cultuur, zoals dat in de winter altijd het geval is, nog langer geworden
dan in Huizinga's tijd. Maar na een lange winter komt toch nog altijd
het voorjaar. Evenals Huizinga blijven we optimist.
In een enkele, korte zin geeft Huizinga de richting aan waarin dat
voorjaar gezocht zou moeten worden. “Cultuur moet metaphysisch
gericht zijn, of zij zal niet zijn.”
Nu staat dat ‘metaphysisch’ voor
verschillende interpretaties open, maar Huizinga bedoelt daar in ieder
geval mee, dat een cultuur georiënteerd moet zijn òp, ofwel gedragen
moet worden dóór een “ideaal dat uitgaat buiten en boven de belangen
van de gemeenschap zelve.”

Ofwel, zonder dat dit een woordenspel is: het ‘physische’ van het
belang moet in het licht staan van datgene dat dat belang te boven gaat,
het ‘metaphysische’, ofwel het belangeloze.
De kunsten zijn vaak als vertegenwoordigers van het belangeloze
voorgesteld. Dat is tot op zekere hoogte waar, maar een verabsolutering
daarvan voert tot een esthetisering, die de samenleving tot een
soort kunstwerk maakt, de maakbare samenleving,
Het ‘belangeloze’ zit echter in de grond van alle dingen. Dat wil
zeggen in hun zijn in de meest sterke zin, waar de belangen niet aan
kunnen morrelen, maar die onvoorwaardelijk geaccepteerd dient te
worden; het zijn van de dingen waaraan het goede, schone en ware
inherent is. Waar een cultuur op gericht moet zijn.
Die metafysische oriëntatie van de Europese cultuur zal dus
gelegen moeten zijn in een hernieuwde bezinning op het belangeloze
van het goede, schone en ware. Een cultuur, of beter gezegd, de
cultuurdragers zullen dan in hun denken en handelen ernaar streven
het goede, schone en ware te verwerkelijken. Dat streven zal dan altijd
resulteren in eindige resultaten daarvan, want het goede, schone en
ware zijn niet als zodanig in hun volheid aanwezig te stellen. Dat dat
zo is, heeft in de laatmoderne Europese cultuur geleid tot het misverstand
dat deze in het geheel niet ‘bestaan’.

Aan het oplossen van deze crisis kan het mohammedanisme geen
enkele positieve bijdrage leveren, integendeel. Het mohammedanisme
heeft een nieuwe crisis aan de reeds bestaande toegevoegd.
De hoogste gestalte van het belangeloze, die één is met de vreugde
om het bestaan, is de liefde.
In de liefde wordt het bestaan zonder enig voorbehoud bevestigd.
Op het menselijke vlak is een van de zuiverste vormen daarvan de
liefde van ouders voor hun kinderen, deze is geheel belangeloos en
wenst de kinderen alle goeds.
Vandaar de bezorgdheid om de kinderen wanneer dat ‘alle goeds’
bedreigd wordt door de schaduwen van morgen.

Erik Mokum, maart 2011

DURFUITGEVERIJ - uitgeverij voor de 21e eeuw
E-mail: [email protected]
Webstek: http://www.du21.nl
ISBN: 978-90-81474-04-7
NUR-code: 320, Literaire non-fictie
Kernwoorden: Politiek, maatschappijgeschiedenis, filosofie, opvoeding
© Alle rechten voorbehouden.
Religie is de vrijwillige celstraf van het verstand.

mercator
Berichten: 18521
Lid geworden op: Do Nov 06, 2008 1:36 pm
Locatie: Vlaanderen

Re: Knaller! Gedurfd anti-islam boek in Nederland

Berichtdoor mercator » Do Mar 10, 2011 8:54 pm

Mss kan de onvolprezen multicul roman De Tuin der Lasten (1998) door Mercator alsnog uitgegeven worden( ik lijk Bijwoner wel haha!).

Wat mij zo opvalt is dat alle informatie al decennia geleden open en bloot op tafel lag en dat pas nu-rijkelijk laat-er wat barstjes in het poco Ijzeren Gordijn komen.
De Ideale Mens is een negroïde transsexueel in een rolstoel


Terug naar “Boekbesprekingen en recensies”

Wie is er online

Gebruikers op dit forum: Geen geregistreerde gebruikers en 2 gasten