Had je mond maar gehouden

"Opinies" is een collectie van korte teksten (van 500 tot 750 woorden) waarin de auteur zijn opinie over courante islam-gelinkte gebeurtenissen uiteen zet. Indien je jouw opinie gepubliceerd wil zien kan je ze hier kwijt. Geef ons ook je naam en email adres. De tekst moet wel van jouw hand zijn.
Gebruikersavatar
Lodewijk Nasser
Berichten: 5886
Lid geworden op: Ma Aug 14, 2006 1:58 am
Contact:

Had je mond maar gehouden

Berichtdoor Lodewijk Nasser » Zo Feb 18, 2007 1:19 am

Had je mond maar gehouden

Verslag van een polemiek: Bruckner, Kelek, Garton Ash en Buruma
door DIEDERIK BOOMSMA

Pascal Bruckner, de Franse filosoof, schreef een vlammende polemiek tegen de Brits-Nederlandse schrijver Ian Buruma’s boek Dood van de gezonde roker en de bespreking daarvan in The New York Review of Books door de Britse historicus Timothy Garton Ash. Bruckner’s aanval op het multiculturalisme en zijn verdediging van Ayaan Hirsi Ali hebben een internationaal debat ontketend dat hier al eerder woedde: moeten we de moslims in Europa tegemoetkomen om ‘de boel bij elkaar te houden’, of moeten we juist met méér assertiviteit westerse waarden uitdragen? Verslag van een debat tussen Ian Buruma, Timothy Garton Ash, Pascal Bruckner, de Duits-Turkse schrijfster Necla Kelek en de Nederlandse filosoof Paul Cliteur.

“Ayaan Hirsi Ali heeft in de ogen van onze welwillende professoren een onvergeeflijke misdaad begaan: ze vat de uitgangspunten van de democratie serieus op,” betoogt Pascal Bruckner in zijn artikel in het Duitse internettijdschrift Perlentaucher. Hij opent met een aanval op de stelling van Timothy Garton Ash dat Hirsi Ali het moslimfanatisme van haar jeugd heeft ingewisseld voor een nieuw fanatisme, dat van de Rede: “Ayaan Hirsi Ali is een moedige, vrijmoedige en licht simplistische Verlichtingsfundamentaliste.” Bruckner gruwt van deze vergelijking, alsof de Verlichting ‘ook alleen maar als een vorm van religie beschouwd, even idioot en ontoegeeflijk zou zijn als het katholicisme van de Inquisitie of de radicale islam. In tegenstelling tot Mohammed B. heeft zij nooit opgeroepen tot moord om haar ideeën erdoor te drukken’. Op dezelfde manier verwijt Bruckner Buruma dat zijn boek alle protagonisten van de moord op Van Gogh ‘schijnbaar onpartijdig aan het woord laat komen’. Volgens de Franse filosoof behoort de Verlichting aan de gehele mensheid, en niet alleen aan een westerse elite. Zijn grote angst is dat een ‘fundamentalistische wurggreep’ Europese moslims van een hervorming van de islam zal vervreemden, omdat bange ‘jihad-collaborateurs’ in het door twijfel en vermoeidheid gekwelde Europa aan een onverschillig en lui multiculturalisme blijven vasthouden. Hij beschouwt het multiculturele model dat Buruma en Garton Ash propageren, als het ‘racisme van het antiracisme’ dat immigranten onder het mom van diversiteit vastketent aan hun etnische of religieuze tradities. Deze ‘legale vorm van apartheid’ ontzegt hun zo de deelname aan de vrijheid van de moderne samenleving.

De paradox van het multiculturalisme is volgens Bruckner dat het voor alle gemeenschappen een gelijke behandeling garandeert, maar niet voor de individuen waaruit die gemeenschappen bestaan. “Er is erkenning van de groep, en onderdrukking van het individu.” Volgens Bruckner nemen ‘salonfilosofen’ als Buruma en Garton Ash de dreiging van de islam niet serieus, en bekritiseren zij Hirsi Ali als een stel inquisiteurs, omdat zij haar ‘gekte, arrogantie, grenzeloosheid en enthousiasme’ niet verdragen.

Zowel Buruma als Garton Ash hebben een antwoord op het betoog van Bruckner geschreven. Buruma stelt dat hij het in grote lijnen met Hirsi Ali eens is, maar hij zegt het onterecht te vinden dat Hirsi Ali de gehele islam als bron van alle kwaad bestempelt: “De islam is op Java niet hetzelfde als in een Marokkaans dorp, of in Soedan of in Rotterdam.” Volgens Buruma mag Hirsi Ali zeggen dat de islam achterlijk is en de profeet pervers. “Maar als het je doel is om de islam te hervormen, dan zijn dergelijke opmerkingen niet de beste manier om dit te bereiken, zeker niet als ze afkomstig zijn van een verklaard atheïste.”

Buruma vindt het alarmistisch en belachelijk om ‘collaborateur’ genoemd te worden, alsof de islam een even grote dreiging vormt als het Derde Rijk in de vorige eeuw. “En wat denkt Bruckner te willen doen met de miljoenen gelovige moslims in Europa,” vraagt hij zich af. “Hen dwingen om Hirsi Ali te volgen en hun geloof af te zweren?”

Volgens Bruckner stoelt het Angelsaksische multiculturele model op een schadelijk relativisme, en is het daarom geen goed idee en het werkt niet. Maar volgens Buruma is het een nog slechter idee wanneer de staat zich gaat bemoeien met dogma’s, naar het republikeinse, Franse model. De kritiek van Bruckner op het Angelsaksische model beschouwt hij als ten dele ingegeven door ‘Gallisch chauvinisme’. Het is ongetwijfeld een goed idee dat moslims de vrijheid hebben om Koranteksten te interpreteren en religieuze dogma’s in twijfel te trekken, betoogt hij, maar dat moeten zij uit vrije wil doen en niet gedwongen door de staat, want ‘dat opent alleen de weg naar autoritarisme’.
In zijn repliek op Bruckner vindt ook Timothy Garton Ash dat ‘een beleid gebaseerd op de verwachting dat miljoenen moslims plotseling hun geloof laten varen, simpelweg niet realistisch is’. Als moslims zich gedwongen voelen de islam op te geven, zouden zij zich alleen nog méér gaan afzetten tegen Europa. Volgens Garton Ash moeten we een grote tolerantie opbrengen jegens culturele diversiteit, en een ‘waardenpluralisme’ omarmen. Buruma hekelt de kritiek van Bruckner dat de opening van een islamitisch ziekenhuis in Rotterdam en het reserveren van stranden voor moslima’s in Italië een vorm van apartheid in de hand zou werken. “Ik zie niet in waarom dit zo veel verschrikkelijker is dan het openen van kosjere restaurants, katholieke ziekenhuizen of nudistenstranden.”

De Turks-Duitse schrijfster Necla Kelek voelde zich vervolgens geroepen in de ring te stappen. Op 5 februari schreef zij het artikel ‘De stereotypen van mr. Buruma’, eveneens in het Duitse internettijdschrift Perlentaucher verscheen. Bij het lezen van Buruma’s repliek, zo schrijft zij, bekroop haar de gedachte: “Had je mond maar gehouden!” Volgens haar voelde Buruma zich duidelijk ‘betrapt’, en graaft hij voor zichzelf een steeds dieper gat in een moeras van multiculturalisme en relativisme. “Ik kan u vertellen, meneer Buruma, waarom Italiaanse stranden die gereserveerd zijn voor moslima’s zo veel verschrikkelijker zijn. Het verschil met een kosjer diner is dat het strand een poging van moslims is om veranderingen door te voeren. Zowel hoofddoekjes als dit soort segregatie van geslachten in de publieke ruimte, zijn een poging van de politieke islam om een apartheid op basis van geslacht in vrije Europese samenlevingen in te voeren.” Volgens Kelek is een islamitisch ziekenhuis fundamenteel anders dan een katholiek ziekenhuis, omdat een katholiek ziekenhuis patiënten niet segregeert op basis van hun geslacht. Zij wijst erop dat vrouwelijke islamitische verpleegsters mannelijke patiënten niet mogen wassen en zelfs niet mogen aanraken, en dat in Duitsland een groeiend aantal artsen klaagt over moslims die weigeren om hun vrouwen te laten behandelen of zelfs maar te laten onderzoeken door een mannelijke arts. “Ik ken moslima’s die de dokter alleen onder begeleiding van hun zoon mogen bezoeken. In islamitische ziekenhuizen bepaalt de echtgenoot wanneer een vrouw een keizersnede moet ondergaan of gesteriliseerd moet worden na vier kinderen te hebben gekregen.” Kelek geeft ook het voorbeeld van een Turkse radiologe die weigerde om een jonge man te behandelen met verwondingen aan zijn onderlichaam. “Dat is vreselijk, meneer Buruma.”

Volgens Kelek zijn niet alle religies gelijk, zoals Buruma en Garton Ash impliceren. “Naastenliefde is even ver verwijderd van de islam als pastorale zorg. Ik beschouw het als smakeloos om het werk van katholieke nonnen te verlagen met al dit ‘alle religies zijn gelijk’-relativisme.” Volgens haar begrijpt Buruma niets van de islam en realiseert hij zich niet dat de politieke islam een verticale segregatie tussen man en vrouw wil bewerkstelligen.
Kelek vindt het ook verbijsterend dat een universitair hoogleraar in ‘mensenrechten en democratie’ als Buruma vasthoudt aan het cliché dat je ‘geen algemene uitspraken over de islam kunt doen, zoals Hirsi Ali doet’. Natuurlijk is de islam in Java anders dan in Rotterdam, maar dan wel alleen in de details en niet in de fundamentele aspecten waarover het natuurlijk juist gaat. “De islam is een sociale realiteit.”

Ondanks alle detailverschillen bieden de geschriften van de islam een eenduidige visie op de wereld en de maatschappij, bijvoorbeeld inzake de positie van vrouwen en mensenrechten in het algemeen, waarover moslims in grote lijnen eensluidend denken. Vijfenveertig ministers van Buitenlandse Zaken van de Organisatie van de Islamitische Conferentie, de belangrijkste internationale organisatie van de islamitische wereld, kwamen in 1990 bijeen om de ‘Caïro-Declaratie van Mensenrechten in de Islam’ te tekenen, zo brengt Kelek in herinnering. Het document is bedoeld als een appendix bij de Verklaring van de Rechten van de Mens van de VN. Juist het feit dat de declaratie een consensus vertegenwoordigt, in plaats van een extreme positie, toont volgens Kelek aan hoezeer het een uitdrukking is van de gemeenschappelijke houding van moslims tegenover mensenrechten. Gelijke rechten tussen man en vrouw komen niet ter sprake in deze Declaratie, stelt Kelek vast. Vrouwen zijn slechts in waardigheid, niet in rechten, gelijk aan de man. Op grond van soera 4:34 krijgt de man de autoriteit om sociale controle over de vrouw uit te oefenen en haar te vernederen.

En zo gaat het door. De islam wordt uitgeroepen als het enige, ware geloof, waaraan iedereen zich moet onderwerpen omdat het de geopenbaarde geboden van God omvat. De twee belangrijkste artikelen van de Declaratie staan volgens Kelek aan het einde: artikel 24 bepaalt ‘dat alle rechten en vrijheden benoemd in deze Declaratie onderworpen zijn aan de Sharia’, en artikel 25 stipuleert dat ‘de islamitische Sharia het enige referentiekader ter verheldering van de artikelen van deze Declaratie is’. Kelek constateert nog een belangrijk verschil tussen de Verklaring van de Rechten van de Mens en de Caïro-Declaratie. Terwijl in de VN-Verklaring, en in alle democratische constituties, naar het individu wordt verwezen, rept de preambule van de Caïro-Declaratie alleen van de ummah, de gemeenschap van islamitische gelovigen, het collectief.

De logische conclusie hiervan is volgens Kelek dat de Caïro-Declaratie alleen de rechten erkent die in de Koran worden gespecificeerd, en alle handelingen die de Koran en de soenna afkeurt, als crimineel beschouwt – en daarmee dus ook overspel of homoseksualiteit, die in het Westen niet strafbaar zijn. Volgens Kelek stelt de Caïro-Declaratie ‘dat niemand in principe het recht heeft om de regels en wetten van de islam te negeren of te ontlopen, omdat het bindende goddelijke opdrachten zijn. Iedereen is persoonlijk verantwoordelijk om die te verdedigen, en de ummah is daarvoor collectief verantwoordelijk’.

Volgens Kelek is dit een indirecte vergoelijking van moslims om het recht in eigen handen te nemen. “De islamitische landen hebben deze Declaratie geschreven om hun eenheid te beschermen, maar daarnaast is het een politiek programma om de identiteit van de islam te bewaren.” De declaratie werpt de sharia op als de basis voor de culturele identiteit van moslims, volgens Kelek. “En kritiek daarop zou een persoonlijk probleem van Hirsi Ali zijn, meneer Buruma?”

De Leidse filosoof Paul Cliteur mengde zich vervolgens in de discussie, op de website signandsight.com. Ook hij verwijt Buruma een postmodern relativisme. Het multiculturalisme stoelt niet alleen op relativisme, maar ook op collectieve schuldgevoelens over het kolonialisme en andere echte of veronderstelde zwarte bladzijden uit de Europese geschiedenis. Racisme, slavernij en de holocaust zouden inherent zijn aan de Europese cultuur, in plaats van uitzonderingen daarop – en daarom is het Westen bij voorbaat verdacht. De export van democratie en andere westerse idealen via een militaire invasie is volgens cultuurrelativisten even belachelijk en arrogant als het opleggen van deze waarden aan etnische en religieuze minderheden thuis, aldus Cliteur. Het antwoord van postmoderne cultuurrelativisten is: “Lever geen kritiek. Laat hervorming van binnenuit komen en vermijdt provocatie of polarisatie.” Het bij voorbaat ontkennen van de mogelijkheid dat westerse waarden te prefereren zouden zijn, kan volgens Cliteur grote gevolgen hebben. “Moeten alle idealen van de Verlichting, waaronder democratie, mensenrechten en de rechtsstaat, dan worden vervangen door de overtuiging dat alle culturen even waardevol zijn en door de lofzang op het ‘anders-zijn’ van niet-westerse culturen?” zo vraagt hij zich af.
Volgens Cliteur zien aanhangers van het multiculturalisme iedereen die in een vorm van universele waarheid gelooft, als een fundamentalist. Voor hen is de wereld een grote clash van fundamentalismen, zonder dat de een beter of slechter kan zijn dan de ander – of je nu in de radicale islam gelooft of in mensenrechten. “De liberale democratie en de vrijheid van meningsuiting zou dan niet beter zijn dan hun alternatieven.” De enige manier om niet fundamentalistisch te zijn, is de omarming van het postmoderne relativisme en een radicaal scepticisme tegenover elke vorm van autoriteit. En het enige waartegen een postmodernist wil protesteren, is tegen hartstochtelijke stelligheid.
Dit is volgens Cliteur de consequentie van de denkwijze die spreekt uit het boek van Buruma, wanneer hij verdedigers van de Verlichting en de verdedigers van de fundamentalistische islam over één kam scheert.
Het blijft voor Cliteur ‘een mysterie waarom zo veel intelligente schrijvers nog steeds aan het postmodernisme vasthouden’. Hij vermoedt dat de reden is dat zij denken dat in de strijd tegen religieus terrorisme een voorzichtig relativisme beter is. “Buruma en andere postmodernisten hebben de illusie dat als we de radicale kritiek op religie en provocaties achterwege laten, dat we dan terroristen kunnen pacificeren.”

Cliteur vreest dat dit relativisme, of in feite nihilisme, westerse samenlevingen tot een makkelijke prooi maakt voor de ideologie van radicaal islamisme. “Als westerse samenlevingen denken dat zij geen fundamentele waarden hebben die belangrijk genoeg zijn om te verdedigen (op vreedzame wijze), dan is er ook geen reden voor immigranten om die waarden te accepteren.”
Tussen droom en daad staan wetten in de weg en praktische bezwaren.
Willem Elsschot (1882-1960)

Iznogoodh
Berichten: 1716
Lid geworden op: Ma Jun 14, 2004 6:14 pm

Berichtdoor Iznogoodh » Zo Feb 18, 2007 1:52 am

Zeer lezenswaardige stukken plaats jij, beste Lodewijk.
Onze Vader...
Die in de Hemel zijt...
Blijf daar...

Gebruikersavatar
Lodewijk Nasser
Berichten: 5886
Lid geworden op: Ma Aug 14, 2006 1:58 am
Contact:

Berichtdoor Lodewijk Nasser » Zo Feb 18, 2007 1:56 am

Dank Iznogoodh, je hebt een goede smaak.

Maar ik wil niet pronken met andermans veren. Ik haal ze van http://www.opinio.nu/
Tussen droom en daad staan wetten in de weg en praktische bezwaren.

Willem Elsschot (1882-1960)

BFA
Berichten: 11600
Lid geworden op: Vr Sep 29, 2006 5:18 pm

Berichtdoor BFA » Zo Feb 18, 2007 12:49 pm

Volgens de Franse filosoof behoort de Verlichting aan de gehele mensheid, en niet alleen aan een westerse elite. Zijn grote angst is dat een ‘fundamentalistische wurggreep’ Europese moslims van een hervorming van de islam zal vervreemden,



Verlichting is een deel van de hele mensheid. Uitgezonderd Islam. Islam is een manisch vasthouden aan traditie. Tegen elke invloed die die traditie zou kunnen beinvloeden wordt Jihad gevoerd. Islam is niet meer dan een set regels, tot in de kleinste details van het dagelijkse leven, regels waar geen enkele vorm van verlichting een speld kan tussenkrijgen. Traditie maakt hervorming onmogelijk.

Alle andere maatschappijvormen en religies laten evolutie toe. Beetje bij beetje treedt er dus altijd verlichting toe.

Dat die verlichting hier in het Westen geacceleeerd is, hebben wij te danken aan het Christendom. Op zijn manier is het Christendom de vijand van traditie. Niettegenstaande het Christendom een synthetische godsdienst is. Alle volkeren die tot het Christendom zijn toegetreden voegden er elementen aan toe. (Heiligenverering oa). Is het juist deze toetreding tot het volk der Christenen, die het afscheid van de traditie vormt. Traditie belichaamt ook de erfzonde, het brute geweld, vastgelegd in de genen van de primitieve mens.
Het is een parasitaire soort die leeft op de intelligentie van anderen en deze dan tegen hun gebruikt;

nina
Berichten: 1885
Lid geworden op: Zo Jan 26, 2003 10:53 pm

Berichtdoor nina » Ma Feb 19, 2007 10:53 am

Buruma hekelt de kritiek van Bruckner dat de opening van een islamitisch ziekenhuis in Rotterdam en het reserveren van stranden voor moslima’s in Italië een vorm van apartheid in de hand zou werken. “Ik zie niet in waarom dit zo veel verschrikkelijker is dan het openen van kosjere restaurants, katholieke ziekenhuizen of nudistenstranden.”


Het verschil is dat alle andere groepen die hun eigen verenigingen of gebruiken hebben deze hebben naast het geïntegreerde leven dat ze delen met iedereen die deel uitmaakt van de totale gemeenschap. In het geval van islamitische ziekenhuizen gaat het daarentegen om een voortschrijdende tendens om steeds groter wordende groepen moslims totaal te isoleren van de westerse maatschappij en de westerse waarden, zodat er een groep ontstaat die op deze manier elke invloed en contact met onreine ongelovigen weet te voorkomen. Met name vrouwen worden dankzij dit systeem volledig afgescheiden van het westen.

Dat is een vorm van apartheid die de islamitische minderheid zichzelf oplegt tegenover de veel invloedrijkere seculiere meerderheid. Hiermee wordt individualisering en autonomie van moslims tegengegaan, en de groep kan op deze manier controle uitoefenen op alle deelnemers.

Navane
Berichten: 577
Lid geworden op: Do Nov 16, 2006 12:25 pm

Re: Had je mond maar gehouden

Berichtdoor Navane » Do Feb 22, 2007 3:14 pm

Lodewijk Nasser schreef:Had je mond maar gehouden

[. Hij beschouwt het multiculturele model dat Buruma en Garton Ash propageren, als het ‘racisme van het antiracisme’ dat immigranten onder het mom van diversiteit vastketent aan hun etnische of religieuze tradities. Deze ‘legale vorm van apartheid’ ontzegt hun zo de deelname aan de vrijheid van de moderne samenleving.

De paradox van het multiculturalisme is volgens Bruckner dat het voor alle gemeenschappen een gelijke behandeling garandeert, maar niet voor de individuen waaruit die gemeenschappen bestaan. quote]

De progressievelingen misbruiken de minderheden dmv deze tactiek om het verleden van kolonialisme e.d. te compenseren - net alsof dat mogelijk zou zijn op die manier! Ze willen zeggen op die manier: kijk eens wij stellen ons niet superieur op.
Het is een typisch progresssieve kronkel om culturen aan elkaar gelijk te stellen net alsof het voetbalplaatjes zijn die schooljongens onderling ruilen kunnen. Deze puur fetisj-achtige manier van kijken naar culturen bewijst hoe narcistisch-individualistisch ze zijn en geheel los geraakt van de culturele omgeving. Het is de extreme doorvoering van het historisch materialisme. Jammer dat bijna alle politieke partijen zich laten meeslepen in die waan van zelfverloochening. Daarbij moet ik wel toegeven dat de overheid zoveel taken op zich heeft genomen door de ontwikkeling van de welvaartsstaat en zoveel belangengroepjes aan zich probeert te binden, dat het onvermijdelijk is dat economie (en dus materialisme) het overheersende aspect van de politiek wordt.
Als wij onze cultuur niet verdedigen, wie gaat het dan wel doen?

BFA
Berichten: 11600
Lid geworden op: Vr Sep 29, 2006 5:18 pm

Berichtdoor BFA » Do Feb 22, 2007 9:02 pm

Daarbij moet ik wel toegeven dat de overheid zoveel taken op zich heeft genomen door de ontwikkeling van de welvaartsstaat en zoveel belangengroepjes aan zich probeert te binden, dat het onvermijdelijk is dat economie (en dus materialisme) het overheersende aspect van de politiek wordt.


Onze politiekers willen vooral 'geliefd' zijn. Dit is inderdaad narcisme.
Respect komt voort uit juiste beslissingen en daarbijhorende daden. Geliefd maakt dit niet altijd, zeker niet bij iedereen. Iets belangrijks dat zij vergeten zijn.
Het is een parasitaire soort die leeft op de intelligentie van anderen en deze dan tegen hun gebruikt;


Terug naar “Opinies”

Wie is er online

Gebruikers op dit forum: Geen geregistreerde gebruikers en 4 gasten